|
|
Sluipwesp onderschept signaal van koolwitjes
|
Sluipwespen hebben het voorzien op
de eieren van koolwitjes om hun eigen eieren te leggen. Maar hoe
vinden ze die? Onderzoekers van Wageningen Universiteit en de Vrije
Universiteit in Berlijn bespiedden de kleine sluipwespen. Ze
constateren dat het mini-insect de karakteristieke geur van een
bevrucht koolwitvrouwtje, bedoeld als signaal voor koolwitmannetjes,
onderschept en zo de bevruchte vlinder opspoort. Het sluipwespje
lift vervolgens mee op de vlinder naar haar eileg-locatie. Daar
stapt de sluipwesp af om haar eigen broedsel in de verse
vlindereieren te deponeren. |
|
 |
Tijdens de paring
draagt de mannelijke vlinder van het grote koolwitje (Pieris
brassicae) een speciale geurstof, benzylcyanide, over aan zijn
partner. De geur werkt afstotend op mannelijke concurrenten, zodat
ze uit de buurt van zwangere koolwitvrouwtjes blijven. De Wageningse
en Berlijnse onderzoekers constateren dat ook de minuscule (0,5 mm)
sluipwesp Trichogramma brassicae de chemische signaalstof
kan waarnemen en zo de bevruchte vlinder kan herkennen. Het
vlindervrouwtje dat, om haar eieren te leggen, op weg is naar een
geschikte locatie, zoals een koolplant, ontmoet de kleine
parasitaire sluipwesp vermoedelijk op een bloem. Beide gebruiken
nectar als voedsel en de vlinder zit dan rustig, zodat de sluipwesp
gemakkelijker kan opstappen voor een lift naar de eilegplaats. Daar
legt de vlinder haar eieren, waarna de sluipwesp van de onwetende
chauffeuse afklimt om haar eigen eitjes in het verse eipakket van de
vlinder te deponeren. De vlinderembryo’s worden gedood en in plaats
van een rups komt er ca. tien dagen later een nieuwe wesp uit.
|
| Om het gedrag van de
sluipwespjes na te gaan experimenteerden Nina Fatouros en Monika
Hilker van het Instituut voor Biologie van de Vrije Universiteit
Berlijn en hun collega’s Ties Huigens, Joop van Loon en Marcel Dicke
van het Laboratorium voor Entomologie van Wageningen Universiteit
met de zuivere geurstof. Als ze maagdelijke vlindervrouwtjes met dit
zgn. anti-afrodisiacum behandelden, werden ze plotseling
aantrekkelijk voor sluipwespen. Hieruit leidden de onderzoekers af
dat het de signaalstof is die de sluipwespen naar hun gastvrouwen
leidt. De rupsen van het grote
koolwitje veroorzaken schade aan koolgewassen. Het inzetten van de
spionerende sluipwespen zorgt ervoor dat de eieren van de vlinder
worden gedood voordat de rupsen uit het ei kunnen kruipen en met het
nuttigen van de koolplant beginnen. De nieuwe kennis kan worden
gebruikt bij het efficiënt inzetten van sluipwespen in de
groenteteelt en daarmee het helpen terugdringen van het gebruik van
pesticiden. Zie ook
biologische-gewasbescherming.pagina.nl |
|
| |
|
In
de marge |
|
|
| |
|
|
|
|
|
| |
|
Voor
u gevonden |
|
|
|
| |
|
|
|
| |
|