|
|
|
Weer een vroege
Mondriaan terug in Nederland
Simonis & Buunk Kunsthandel in Ede,
gespecialiseerd in schilderijen van Hollandse meesters uit de 19 e en 20
e eeuw, heeft opnieuw een vroeg schilderij van Piet Mondriaan gekocht:
De Oostzijdse Molen aan het Gein bij maanlicht, geschilderd
omstreeks 1902-1903. Tot vier jaar geleden wist men niet van het bestaan
van dit werk af. Het werd in 1904 geschonken aan een Deens echtpaar ter
gelegenheid van hun huwelijk en is daarna drie generaties lang in
dezelfde familie gebleven. In 2000 ging het over in handen van een
Scandinavische verzamelaar, bij welke gelegenheid het ‘ontdekt’ werd.
Dat het zonder enige twijfel om een doek van Mondriaan gaat is bevestigd
door Mondriaankenner Joop Joosten, een van de twee samenstellers van de
Catalogue Raisonné van het werk van Mondriaan.
Van naturalisme naar abstractie
Voordat Piet Mondriaan (1872-1944) de abstracte composities maakte waar
hij zo beroemd mee werd, schilderde en tekende hij in naturalistische
trant landschappen, figuren, bloemen en stillevens. In de periode
1895-1908 maakte hij zich langzamerhand los van het uitbeelden van de
zichtbare werkelijkheid en experimenteerde met hij kleuren, beeldopbouw
en vereenvoudiging van vormen, hetgeen er uiteindelijk toe zou leiden
dat hij de natuur in abstracte horizontale en verticale lijnen en
vlakken in primaire kleuren weergaf.

Piet Mondriaan, De Oostzijdse Molen aan
het Gein bij maanlicht, olie/doek,
63 x 75,4 cm, gesign. en te
dateren 1902-1903.
De Oostzijdse Molen
Tussen 1900 en 1911 schilderde Mondriaan een reeks landschappen met
molens in de omgeving van de rivier het Gein, bij Abcoude. Mondriaan
bezocht dit gebied vanuit Amsterdam, waar hij zich in 1892 vanuit
Winterswijk vestigde om een opleiding te gaan volgen aan de Akademie
voor Beeldende Kunsten. De Oostzijdse Molen, die zich op loopafstand ten
oosten van Abcoude bevindt, was in deze periode een van Mondriaans
geliefdste thema’s. Tussen 1902 en 1908 heeft hij de molen vele malen,
vanuit diverse standpunten en op verschillende uren van de dag,
weergegeven: bij dag, zonsondergang of nacht, vanaf de rivierzijde of de
landkant, op staand en op liggend formaat, in een
naturalistisch-impressionistische tot pre-luministische stijl. Meer dan
twintig voorstellingen maakte hij ervan, waardoor een reeks is ontstaan
die onwillekeurig doet denken aan de serie hooioppers of
kathedraalfaçades van Claude Monet. Net als zijn Franse collega leek
Mondriaan met het keer op keer weergeven van hetzelfde onderwerp te
groeien in zijn stijl, te zoeken naar telkens nieuwe oplossingen voor de
vormproblemen waarvoor hij zich gesteld zag, vormkwesties voortkomend
uit zijn veranderende (kunst)theoretische opvattingen.
Het licht als leidraad
De Oostzijdse Molen aan het Gein bij maanlicht is vermoedelijk een
van Mondriaans eerste avond- en nachtlandschappen, een thema dat vooral
in de jaren 1905-1908 veelvuldig voorkomt, als de schilder zich steeds
intensiever concentreert op (de werking van) het licht, van zon of maan.
In de ‘nocturnes’ verdwijnen details en bepalen krachtige, eenvoudige
vormen van donkere silhouetten het beeld. Menselijke figuren komen er
vrijwel niet in voor, net zoals in de meeste andere landschappen van
Mondriaan overigens. De compositie van de avond- en nachtlandschappen
wordt geleidelijk aan steeds gedurfder: ‘afgesneden’ molens, een
krachtig, bijna fauvistisch koloriet en een nog sterkere versobering van
de compositie. Nu, achteraf gezien, is duidelijk dat ze een opmaat zijn
geweest tot zijn geometrisch-abstracte, neoplasticistische werken die
hem zo beroemd hebben gemaakt en hem de status van vernieuwer hebben
opgeleverd. Daarmee blijken deze werken, waaronder De Oostzijdse
Molen aan het Gein bij maanlicht, te zijn ontstaan in een voor
Mondriaans kunstenaarschap cruciale periode.
Voor meer informatie zie:
www.simonis-buunk.nl
Meer informatie
Goede boeken over de schilderkunst vindt u
hier
|
|
|