|
|
Mannelijke dader beter te identificeren
Onderzoekers van Erasmus MC hebben een manier ontdekt om in forensisch onderzoek
onderscheid te kunnen maken tussen generaties mannelijke familieleden. Tot op
heden konden zogenaamde Y-chromosoom markers (Y-STRs) alleen worden gebruikt
voor identificatie van groepen mannelijke familieleden , maar niet van
individuele mannen. De onderzoekers vonden een set Y-STR markers, die goed
gebruikt kan worden voor het identificeren van individuele mannen. Dit is van
groot belang bij bijvoorbeeld forensisch onderzoek in zedendelicten. De
onderzoekers publiceerden hun bevindingen in het toonaangevende wetenschappelijke
tijdschrift The American Journal of Human Genetics.
In forensisch onderzoek wordt gebruik gemaakt van DNA-profilering. Bij
zedendelicten wordt gebruik gemaakt van DNA monsters uit de vagina, maar die
bevatten meestal meer vrouwelijk slachtoffer-DNA dan mannelijk dader-DNA. In
die gevallen wordt vooral gekeken naar zogenaamde Y-chromosoom-markers (Y-STRs),
omdat vrouwen geen Y-chromosoom hebben. Tot nog toe was het met de
Y-STR-analyse alleen mogelijk om groepen mannelijke familieleden te
analyseren, hetgeen een grote beperking betekent bij het aanwijzen van een
individuele dader.
Onderzoekers van de afdeling Forensische Moleculaire Biologie van het Erasmus
MC gaven leiding aan een internationale groep wetenschappers die een groot
aantal Y-STR-markers in een groot aantal vader-zoon-paren hebben onderzocht.
In dat onderzoek hebben zij een set Y-STR markers gevonden die tussen
generaties snel muteren. Deze set Y-STR markers kan gebruikt worden om een
dader te identificeren ten opzichte van zijn mannelijke familieleden.
Prof. dr. Manfred Kayser, hoofd van de afdeling Forensische Moleculaire
Biologie van het Erasmus MC: “Vanaf mijn promotieonderzoek naar de
mogelijkheden van Y-chromosomen in forensisch onderzoek, 15 jaar geleden, werd
ik gedreven door het probleem dat mannelijke familieleden niet onderscheiden
konden worden door de bekende Y-STR markers. Onze nieuwe bevindingen kunnen
gebruikt worden om een man aan de hand van zijn Y-STR-profiel te identificeren
en kunnen daarom nuttig zijn bij het oplossen van zedendelicten in de
toekomst."
Prof. dr. Ate Kloosterman van de afdeling Humane Biologische Sporen van het
Nederlands Forensisch Instituut (NFI): "Met de nieuwe kennis kunnen we
binnenkort Y-chromosomale DNA-profielen met een veel hogere
zeldzaamheidswaarde vervaardigen. Hierdoor wordt de bewijswaarde van het
onderzoek veel hoger. Dit kan ons ook helpen bij het identificeren van
stoffelijke resten van ongeïdentificeerde mannen. Wanneer straks door nieuwe
wetgeving DNA-verwantschapsonderzoek in strafzaken mogelijk is, zal het
specifiekere Y-chromosomaal DNA-onderzoek ook hier een belangrijke rol gaan
spelen."
Het onderzoek van Erasmus MC is mogelijk gemaakt door subsidies van het
Nederlands Forensisch Instituut (NFI) en van het Netherlands Genomics
Initiative (NGI)/NWO in het kader van het Forensic Genomic Consortium
Netherlands (FGCN).
|
|