|
|
Algemene Rekenkamer:
Integriteitszorg kan forse impuls gebruiken
Het systeem van integriteitszorg bij de ministeries heeft een forse
impuls nodig. Sinds eerdere
rekenkameronderzoeken naar integriteit in 1996 en 1998 is er wel meer
aandacht voor integriteit, maar er worden bijvoorbeeld nog steeds weinig
risicoanalyses gemaakt. Ook worden integriteitsinbreuken nauwelijks
centraal geregistreerd en zijn beleidsevaluaties schaars.
Integriteit is een voorwaarde voor
vertrouwen in het openbaar bestuur en daarom een belangrijk onderdeel
van de onderzoeksstrategie 2004-2009 van de Algemene Rekenkamer. Als
eerste stap is een nulmeting bij de kernministeries en enkele
instellingen uitgevoerd: Zorg voor integriteit.
Uit de nulmeting blijkt dat alle 13 kerndepartementen aandacht besteden
aan integriteit. Ze hebben vrijwel alle beleid, een gedragscode,
regelgeving en doen integriteitsaudits. Van de tien onderzochte
instellingen op afstand van het Rijk (Rechtspersonen met een wettelijke
taak, RWT's) doen slechts zes iets aan integriteitszorg.
In de nulmeting zijn de volgende aspecten van integriteitsbeleid
onderscheiden: risicoanalyse, gedragscode, interne controle,
integriteitsaudits, registratie van meldingen en inbreuken,
beleidsevaluatie, onderzoeksprotocol, aangifte bij het OM en de
registratie van bestraffingen. De Algemene Rekenkamer benadrukt dat
integriteitsbeleid breder moet zijn dan personeelszorg en zich
bijvoorbeeld ook moet uitstrekken tot beveiliging en administratieve
organisatie. Bij het integriteitsbeleid ontbreken concreet meetbare
doelstellingen en evaluaties veelal.
Risicoanalyses nodig
Risicoanalyse is een fundament voor het integriteitsbeleid. In de
nulmeting is nagegaan of kwetsbaarheden op het terrein van integriteit
gestructureerd zijn geanalyseerd en vastgelegd. Slechts twee ministeries
doen dit. Zes ministeries en vier RWT's hebben een beperkte vorm van
risicoanalyse. In vergelijking met eerdere onderzoeken in 1996 en 1998
hebben de ministeries op dit punt weinig voortgang geboekt.
Aantal integriteitsinbreuken en
bestraffing onduidelijk
Er is weinig interne controle op de naleving van regels. Medewerkers
weten vaak ook niet welke sancties zijn verbonden aan de overtreding van
integriteitsregels. Sommige gedragscodes bevatten slechts 'kernwaarden'
op een hoog abstractieniveau. Andere gedragscodes bevatten wel concrete
regels op het gebied van bijvoorbeeld het accepteren van geschenken,
geheimhouding, het omgaan met eigendommen van het ministerie, het melden
van misstanden ('klokkenluidersregeling') en internetgebruik op het
werk. De zwaarte van sancties bij overtreding van de regels is echter
onduidelijk.
De meeste ministeries en instellingen registreren schendingen nog steeds
niet centraal. Hierdoor blijft het onmogelijk een overzicht te geven van
integriteitsinbreuken en de afhandeling ervan.
'Bevorderen dat
integriteitszorg niet blijft steken in papier'
De coördinerend minister van BZK wijst er in zijn reactie onder meer op
dat het ook gaat om een cultuurvraagstuk. De Algemene Rekenkamer is het
hiermee eens en bepleit een evenwicht tussen kaders en systemen aan de
ene kant en gedragsbeïnvloeding aan de andere kant. Instrumenten als
naleving en handhaving van regels helpen voorkomen dat integriteitszorg
blijft steken in plannen op papier.
Bevindingenrasters
De bevindingen per ministerie zijn vastgelegd in zogeheten
'bevindingenrasters', die afzonderlijk van het overkoepelende rapport
openbaar worden gemaakt via deze website. De Algemene Rekenkamer heeft
hierbij eveneens opgenomen de reacties van ministers op de
bevindingenrasters van hun departementen en eventuele kanttekeningen bij
de methode van de nulmeting, voorzien van een nawoord van de Algemene
Rekenkamer.
Meer informatie:
Bevindingenrasters
Meer over integriteit vindt u op:
integriteit.startpagina.nl
|
|